Grote kans op terugkeer El Niño dit jaar en da’s slecht nieuws

29 april 2017

De Wereld Meteorologische Organisatie (WMO) denkt dat er een kans van 50 tot 60% is dat het klimaatfenomeen El Niño dit jaar terugkeert. El Niño leidt tot overstromingen en droogte in grote delen van de wereld, en de daarbijbehorende economische gevolgen. De zorg van wetenschappers is dat de snelle terugkeer van de El Niño een nieuwe voorbode is van wat ons staat te wachten door de opwarming van ons klimaat.

Twee maanden geleden zei het instituut van de Verenigde Naties nog dat de kans op een terugkeer dit jaar kleiner was. Maar ”de temperatuur van het zeewater in het verre oostelijke deel van de Stille Oceaan is gestegen met 2 graden of meer dan gebruikelijk is in februari en maart", stelt de WMO.

Die temperatuurstijging leidt nu al tot hevige regenval op de Galapagos Eilanden en langs delen van de kust van Ecuador en Peru.

De laatste El Niño was in het jaar 2015-2016. Volgens de WMO was die de krachtigste aller tijden. Normaal zit er tussen drie en zeven jaar voor het fenomeen weerkeert.

Het is dus ongebruikelijk dat de een El Niño zo snel terugkomt, zegt ook Tim Stockdale, hoofdwetenschapper bij het European Center for Medium-Range Weather Forecasts (ECMWF) dat meewerkte aan de WMO-prognose.

De zorg van wetenschappers is dat de snelle terugkeer van de El Niño een nieuwe voorbode is van wat ons staat te wachten door de opwarming van ons klimaat. "Het afgelopen decennium was het relatief koud in de tropische Stille Oceaan, iets wat de opwarming nog wat afremde. Maar als deze trend van sneller op elkaar volgende El El Niño’s zich doorzet, zal dat leiden tot een versnelde opwarming”, stelt Stockdale.

Wat is het en wat doet het?

El Niño is de naam voor het verschijnsel dat normaal koel zeewater langs de evenaar in de oostelijke Grote Oceaan een sterke opwarming ondergaat. Dat veroorzaakt weersveranderingen in grote delen van de wereld, waaronder soms ook Europa.

Normaal gesproken wordt het water voor de westkust van Zuid-Amerika aangevoerd door een zuidelijke stroming die koud water uit het Zuidpoolgebied aanvoert. Dat koude water is zeer rijk aan nutriënten, wat een sterke plankton- en visgroei als effect heeft. In een El Niño-jaar treedt echter een stroming op die tropisch oceaanwater aanvoert uit de omgeving van Indonesië en de Filipijnen. Dat warme water bevat veel minder voedingsstoffen en dus ook veel minder vis. Voor de Zuid-Amerikaanse vissers betekent dat een economische ramp.

Bovendien verdampt het opgewarmde oceaanwater sneller dan normaal, waardoor het normaal gesproken uitzonderlijk droge gebied in een jaar van El Niño wordt geteisterd door zware regenval. Dit leidt in de Andes vaak tot aardverschuivingen en modderlawines die in bewoonde gebieden rampzalige gevolgen kunnen hebben.

Aan de andere kant van de Grote Oceaan, van Australië tot Indonesië, zijn de gevolgen ook ernstig. Daar leidt El Niño juist tot een periode van uitzonderlijke droogte, met alle gevolgen van dien voor de plaatselijke landbouw.

De meest recente El Niño veroorzaakte in meer dan zestig landen aanleiding gegeven tot extreme weersomstandigheden. In totaal werden 41 landen getroffen door overstromingen en 22 door droogte. Het verhoogt ook het aantal grote bosbranden.

Dit al gelezen?

Jouw reactie?